Alexander Pechtold nieuwe algemeen directeur CBR

Alexander Pechtold (53) is per 1 november 2019 benoemd als algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR). Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) benoemde hem na voordracht door de Raad van Toezicht van het rijvaardigheidsbureau. Samen met operationeel directeur Jan Jurgen Huizing, die in januari 2019 aantrad, gaat de voormalig D66-fractievoorzitter een collegiaal bestuur vormen.

Alexander Pechtold zal, aldus het CBR, ‘van grote toegevoegde waarde zijn’ om de organisatie door ‘de huidige moeilijke fase’ bij de medische beoordelingen heen te loodsen. Daarna zal hij samen met alle medewerkers verder bouwen aan ‘versterking’ van de organisatie en de dienstverlening. Hij heeft volgens het rijvaardigheidsbureau vanuit zijn ‘langdurige politieke ervaring’ een ‘uitstekend gevoel’ voor de rol van het CBR in de samenleving.

Verbindend

Het CBR kampt al enige tijd met ernstige problemen. Zo duurt onder meer het verlengen van rijbewijzen voor 75-plussers veel langer dan gebruikelijk. Onlangs stelde Van Nieuwenhuizen voormalig ProRail-directeur Pier Eringa al aan om de directie te ondersteunen bij het wegwerken van de achterstand.

“Ik ben verheugd dat na een uitvoerige selectie Alexander Pechtold de nieuwe algemeen directeur van het CBR wordt”, zegt Jan Mengelers, voorzitter Raad van Toezicht, in een verklaring. “Pechtold is een verbindende persoonlijkheid die zowel binnen als buiten het CBR de rust en het vertrouwen terug kan brengen. En zo met de organisatie richting kan geven aan de verbetering van de dienstverlening en aan de opgaven voor het CBR op gebied van de verkeersveiligheid in het steeds complexere verkeer.”

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Fri, 11 Oct 2019 16:10:43 +0000

Autobedrijven verkopen recordaantal occasions

Autobedrijven verkochten in de eerste drie kwartalen van 2019 een recordaantal van 955.958 gebruikte personenauto’s. Dat is 1,8 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar, terwijl de handel tussen particulieren onderling juist op een dieptepunt is beland.

De cijfers komen van de Bovag en RDC. Bijna de helft van de occasionverkoop door autobedrijven komt op conto van Bovag-leden, schrijft de vereniging. De ruim 5.000 aangesloten merkdealers en onafhankelijke autobedrijven verkochten van januari tot en met september 460.386 gebruikte auto’s en dat is 1,6 procent meer dan in de eerste drie kwartalen van 2018. Particulieren onderling verhandelden dit jaar met 512.032 stuks maar liefst 10,9 procent minder occasions dan in dezelfde periode vorig jaar.

Zekerheid en garanties

Ondanks de opkomst van digitale advertentiemogelijkheden daalt de particuliere handel al jaren. In heel 2007 kochten consumenten nog in ruim 845.000 gevallen hun auto van een andere particulier, vorig jaar lag dat aantal op 743.500 en met de ontwikkelingen dit jaar zal het eindtotaal voor 2019 waarschijnlijk op minder dan 670.000 uitkomen. De verkoop van occasions door autobedrijven bedroeg in 2007 ruim 1.053.000 stuks en afgelopen jaar was dat bijna 1.250.000.

Lees ook: Autoverkoop blijft bijna 8 procent achter op vorig jaar

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Fri, 11 Oct 2019 05:30:01 +0000

Column Frank Hoornenborg (Bovag): ‘Meer nieuwe chauffeurs, maar lang niet genoeg’

De transportsector schreeuwt om vers bloed, het aantal chauffeurs neemt al jaren af. Dit jaar zijn er voor het eerst weer meer dan 10.000 nieuwe chauffeurs bijgekomen. De toenemende vraag betekent ‘alle hens aan dek bij de rijscholen’, schrijft Frank Hoornenborg van Bovag Rijscholen in zijn maandelijkse column voor RijschoolPro. 

Opvallende cijfers in de nieuwste uitgave van Mobiliteit in Cijfers van Bovag en RAI Vereniging. Dat het aantal mensen met een autorijbewijs in Nederland voortdurend gestaag toeneemt, dat wisten we. Dat er langzaamaan ook steeds meer Nederlanders een motorrijbewijs hebben, dat wisten we ook. En dat het aantal personen met een groot rijbewijs jaar op jaar afneemt, dat staat bij velen ook wel op het netvlies. Maar de cijfers tonen toch wel een verontrustend beeld, want op 1 januari van dit jaar waren er nog geen 260.000 bezitters van een busrijbewijs en nog maar iets meer dan 555.000 met de bevoegdheid om een vrachtwagen te besturen.

De transportsector schreeuwt om vers bloed

Vijf jaar geleden waren er voor beide categorieën nog ruim 100.000 Nederlanders méér die over deze rijbewijzen beschikten. Sterker nog: in 1980 behaalden nog ruim 25.000 mensen het rijbewijs voor de bus en / of de vrachtwagen, maar de laatste jaren zijn dat er tussen de 5.000 en 10.000 per jaar. De redenen voor deze terugloop zijn evident: de opkomst van kantoor- en computerbanen en daarmee ook het imago van het vak, vergrijzing, transporteurs die hun heil bij buitenlandse chauffeurs zoeken en dan ook nog eens de vele barrières die worden opgeworpen om überhaupt beroepschauffeur te kunnen worden en blijven. En dan hebben we ook nog de -noodzakelijke, maar voor velen hinderlijke- internationale regelgeving, die het vak er ook niet bepaald aantrekkelijker op maken.

Intussen zit de complete Nederlandse transportsector wel te springen om vers bloed en dat hebben wij in onze branche de afgelopen jaren maar al te goed kunnen merken. Bijna 16.000 examens voor het C-rijbewijs werden in 2018 afgenomen, waarvan 65 procent met een voldoende werd voltooid. Oftewel een dikke 10.000 nieuwe beroepschauffeurs erbij en die symbolische grens hebben we vele jaren niet in zicht gehad. Exact tien jaar geleden werd dat aantal voor het laatst behaald. Alle hens aan dek dus bij de rijscholen, maar uit de eerder genoemde cijfers blijkt dat de uitstroom van beroepschauffeurs niet kan worden bijgebeend. Afgelopen jaar nam het totaal aantal mensen met een rijbewijs C en / of D namelijk met 25.000 af. Aanwas vanuit het buitenland (en dan met name vanuit Oost-Europa) zal voor veel Nederlandse transporteurs dus bittere noodzaak blijven. In verre oorden heeft men echter een andere kijk op rijopleidingen en het beeld beklijft van landen als Polen waar je gewoon een rijbewijs online kunt kopen. Ik vraag me dus af of deze ontwikkelingen bijdragen aan een veiliger verkeersbeeld. Ik denk juist het tegenovergestelde.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Frank Hoornenborg
Publicatie datum: Thu, 10 Oct 2019 13:16:59 +0000

VRO geeft aan rijinstructeurs bijscholing over ‘Talking Traffic’ 

Weggebruikers, borden naast en boven de weg, verkeerscentrales en verkeerslichten staan allemaal in verbinding met elkaar. Bij de nieuwe WRM-bijscholing ‘Talking Traffic’ leer je als rijinstructeur in twee dagdelen wat dit betekent voor het verkeer. De Veldhovense Rijinstructeurs Opleiding (VRO) is de eerste en enige opleider die deze bijscholing aanbiedt.

Het doel van de bijscholing ‘Talking Traffic’ is om rijinstructeurs te informeren over alle vernieuwingen in reisinformatie. De bijscholing zoomt ook in op hoe dit is toe te passen tijdens de rijles. De cursus van de Veldhovense Rijinstructeurs Opleiding is deze maand door examineringsinstituut IBKI gecertificeerd.
Instructeurs zijn verplicht elke vijf jaar minimaal zes dagdelen bijscholing te volgen om hun WRM-certificaat te behouden. WRM staat voor Wet Rijonderricht Motorrijtuigen. De cursus van VRO telt voor twee dagdelen, ofwel zes uur, mee voor de verplichte bijscholing.
Wilbert van Beersum is eigenaar van de Veldhovense Rijinstructeurs Opleiding. Samen met vijf medewerkers leidt hij rijinstructeurs op voor onder meer personenauto, motorfiets, vrachtauto, bus en tractor. Zijn achtergrond ligt in de militaire wereld. Hij gaf onder meer leiding aan een militaire rijschool met 45 instructeurs en 15 examinatoren. Sinds kort zit ook zijn zoon Robbert in de zaak.

Detectielussen in het wegdek

Regio’s, bedrijven en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat maken onder de noemer Talking Traffic afspraken over de informatie die ze nu minimaal beschikbaar maken, verrijken en vervolgens aanbieden aan weggebruikers: van de maximumsnelheid, informatie over incidenten en wegwerkzaamheden tot een vrije parkeerplaats nabij je bestemming.
Van Beersum legt uit wat Talking Traffic in de praktijk betekent: “Vroeger had je detectielussen in het wegdek, daarmee sprong het verkeerslicht sneller op groen. Dat was in zekere zin al Talking Traffic, de auto communiceert met het verkeerslicht.”
Na de detectielus volgde het KAR systeem in voertuigen van hulpdiensten. KAR staat voor korteafstandsradio; hiermee zijn hulpdiensten sneller ter plaatse te communiceren met de verkeerslichten en meer groen licht te krijgen.
De communicatie in het verkeer gaat steeds verder. Van Beersum: “Als er ergens een ongeluk gebeurt, dan wordt dat opgepikt. Voor de ambulance wordt de weg vrijgemaakt, bijvoorbeeld door het regelen van verkeerslichten en door andere weggebruikers te waarschuwen. Zij krijgen bijvoorbeeld een melding dat een ambulance over 150 meter van links komt, zodat zij snelheid kunnen minderen.”

Groen licht

Dankzij Talking Traffic weet je straks ook in welke baan op de weg je sneller af bent en hoe je je snelheid kunt aanpassen om zonder te remmen of te stoppen door een groen licht kunt rijden. “Ik verwacht dat het over een paar jaar standaard is in het verkeer en dat heel veel mensen er gebruik van maken”, zegt opleider Van Beersum. “Denk eens aan vrachtverkeer met gevaarlijke stoffen wat je snel de stad uit wilt hebben, of een bus die achterloopt op schema en dankzij communicatie met andere voertuigen en verkeerslichten weer in kan lopen.”

Toepasbare kennis

Wat leer je bij de cursus? Het doel van de bijscholing Talking Traffic is rijinstructeurs te informeren over noodzakelijke vernieuwingen in reisinformatie en hen hierop voor te bereiden. Van Beersum. “Als je het gebruik van de techniek van Talking Traffic meeneemt in je lessen, dan betekent dat wel het een en ander. Het vraagt onder meer om méér lesuren om de kennis over te brengen. En natuurlijk moet je het eerst jezelf eigen maken voordat je het overbrengt. Het is belangrijk dat de rijinstructeur zich bewust is van wat er in de toekomst gaat veranderen op het gebied van reisinformatie, en wat de impact is op het instructie geven en coachen. Het gaat om een theoretische bijscholing met opdrachten, informatieverstrekking en de aanpak die je nu al kunt toepassen.”

Dynamische bijscholing

De bijscholing is dynamisch, verzekert de opleider. “Je zit niet alleen maar in de lesbanken te luisteren naar de docent. Er wordt via video veel visueel uitgelegd en je gaat het gesprek aan met medecursisten om te bespreken hoe de techniek van invloed is op het verkeer en hoe je dat kunt integreren in je les. Dit is iets waarmee je als rijschool je voordeel mee kunt doen.” De eerste cursus wordt op 29 november gegeven in Waalre, deze zit al vol. De belangstelling is groot, merken ze bij VRO, daarom worden momenteel nieuwe data ingepland voor de bijscholing.

Opfrissen

De bijscholing is volledig nieuw, dat maakt het voor rijinstructeurs interessant, meent Van Beersum. “Het is een actueel thema en het is echt nieuwe leerstof. Maar laten we de bestaande bijscholingen niet vergeten. Ik krijg van instructeurs wel eens de vraag waarom die verplichte bijscholing nou nodig is. Als een kandidaat zijn rijbewijs haalt, hoeft hij ook geen bijscholing te volgen om het pasje te behouden. Ik ben ervan overtuigd dat het goed is om je kennis op te frissen. Ook met materie die je al eerder eens hebt behandeld.”

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Thu, 10 Oct 2019 07:38:57 +0000

Honderden Duitsers verliezen rijbewijs door rijden onder invloed op een e-step

Tijdens het Oktoberfest in Duitsland is het rijbewijs van 254 mensen direct ingevorderd vanwege rijden onder invloed op een elektrische step. Nog eens 215 autobestuurders raakten ter plekke hun rijbewijs kwijt omdat ze te veel alcohol ophadden. 

Het Oktoberfest in München trok dit jaar bijna 6,5 miljoen mensen. Er werd weliswaar minder bier gedronken dan vorig jaar, toch raakten veel mensen bij alcoholcontroles ter plekke hun rijbewijs kwijt vanwege rijden onder invloed. De cijfers komen van nieuwssite Deutsche Welle. Dit jaar controleerde de politie niet alleen autobestuurders, maar ook mensen die met de e-step naar het festival waren gekomen. In Duitsland gelden voor het besturen van zo’n elektrische step wat alcohol betreft dezelfde regels als voor het besturen van een auto.

Rijbewijs kwijt

Het zestiendaagse festival verliep vrij rustig. Het aantal strafbare feiten liep iets terug en de politie werd maar weinig ingeschakeld. De grootste uitdaging in vergelijking met voorgaande edities was de aanwezigheid van de elektrische steps. Dat laat de politie weten aan Deutsche Welle. In totaal werden 414 mensen staande gehouden die te veel hadden gedronken om te rijden, daarvan moesten er 254 direct hun rijbewijs inleveren. Overigens was het niet toegestaan om de stepjes mee het festivalterrein op te nemen. Nog eens 360 automobilisten hadden teveel gedronken om achter het stuur te kruipen, daarvan moesten 215 direct hun rijbewijs inleveren.
In Nederland wordt het rijbewijs ingenomen bij een alcoholgehalte in het bloed van meer dan 1,3 promille. Voor beginnende bestuurders is dit 0,8 promille. In Duitsland is een promillage tot 0,5 toegestaan. Wie boven de 1,1 promille komt is direct zijn rijbewijs kwijt.

Bijzondere bromfiets

In veel Europese landen zijn elektrische steps toegestaan op de openbare weg, zo ook in Duitsland. In Nederland is dat niet het geval. Wie toch de weg opgaat riskeert een boete van 380 euro. Na de vakantieperiode waarschuwde het Verbond voor Verzekeraars al eens voor het gebruik. “Veel Nederlanders komen terug met een elektrische step die ze op vakantie gewoon konden gebruiken, maar hier niet meer.”
Er is geen Europese richtlijn voor het gebruik van e-steps. In Nederland mag een e-step alleen de weg op als deze is gekwalificeerd als een ‘bijzondere bromfiets’, zoals bijvoorbeeld de Segway. Om te mogen rijden op een goedgekeurde e-steps is een bromfietsrijbewijs (rijbewijs AM) nodig.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Wed, 09 Oct 2019 08:37:01 +0000