BOVAG en RAI willen snel tussentijdse aanpassing BPM-tarieven

BOVAG en RAI Vereniging dringen er bij de staatssecretaris op aan om de eerdere toezegging van zijn voorganger Wiebes aan de Tweede Kamer dat de consument niet de dupe mag worden van de overgang naar de WLTP (een nieuwe manier van uitstoot meten), te respecteren en de BPM-tabel op 1 januari 2020 alsnog te corrigeren…

Bron: RijschoolVandaag
Publicatie datum: Mon, 15 Jul 2019 12:05:00 +0200

Keuring voor 75-plusser mogelijk in 2020 afgeschaft 

De keuring voor bestuurders van 75 jaar en ouder moet in de toekomst afhangen van medische indicatie en niet van leeftijd of type rijbewijs. Deze zomer start een onderzoek naar de mogelijkheid om over te gaan op nieuwe aanpak. Halverwege 2020 moet duidelijk zijn of het afschaffen van de huidige keuring nodig en mogelijk is én hoe deze dan uitgevoerd moet worden. De afschaffing hangt samen met de vergrijzing en de dus steeds groter wordende groep senioren. 

Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat kondigt de toekomstige afschaffing van een keuring voor 75-plussers aan in een brief aan de Kamer over de huidige administratieve verlenging van één jaar. Door de senioren een jaar respijt te geven krijgt het CBR de ruimte om zich te richten op de meest risicovolle groepen en om achterstanden weg te werken. 

Het probleem bij het CBR zit in de achterstanden en niet zozeer in het reguliere stroom aanmeldingen voor keuringen. Vanwege de vergrijzing en de daarmee steeds groter wordende groep van 75-plussers acht Van Nieuwenhuizen het nodig om op lange termijn een systeem te ontwikkelen waarbij een keuring niet meer afhangt van je leeftijd of type rijbewijs maar van een medische indicatie. Daarom wordt gestart met een onderzoek naar de overgang op een meer risicogeoriënteerde aanpak. Een aanpak waarbij een meldingsplicht gedurende de looptijd van het rijbewijs het uitgangspunt is. Bekeken moet worden in hoeverre de rijgeschiktheid gedurende de looptijd van het rijbewijs kan worden beoordeeld. In dit proces wordt de huidige lijst van aandoeningen tegen het licht gehouden. Dit alles gebeurt binnen de kaders van de Europese regelgeving en op basis van advies van de Gezondheidsraad.

Stelselwijziging is noodzakelijk 

De coulanceregeling voor senioren waarbij het rijbewijs administratief wordt verlengd is een tijdelijke maatregel. Deze moet per 1 december 2019 ingaan. Minister Van Nieuwenhuizen wil daarna een structurele oplossing. Daarvoor is een stelselwijziging nodig en dat vergt nader onderzoek, valt in de brief te lezen. 

Het uitgangspunt van de opzet waarbij niet de leeftijd maar een medische indicatie het moment van keuren bepaald, is een meldingsplicht tijdens de looptijd van het onderzoek. “Bekeken moet worden in hoeverre de rijgeschiktheid gedurende de looptijd van het rijbewijs worden beoordeeld. In dit proces zal de huidige lijst van aandoeningen tegen het licht worden gehouden”, schrijft de minister aan de Kamer. 

Onderzoek start deze zomer 

Deze zomer nog wordt gestart met een verkenning naar de reikwijdte van het onderzoek en de partijen die daarbij betrokken worden. Deze verkenning moet in het najaar resulteren in een definitieve onderzoeksopzet; SWOV (en mogelijk ook RIVM) gaat het onderzoek vervolgens uitvoeren. 

Een klankbordgroep moet het onderzoek begeleiden. Voor die groep moeten de uitnodigingen nog de deur uit. Van Nieuwenhuizen denkt aan partijen als het CBR, het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport, Verbond van Verzekeraars, ANWB, KNMG, Ouderenbonden en Zorgverzekeraars Nederland. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek moet halverwege volgend jaar bekend zijn of er een aanpassing van de regelgeving nodig en mogelijk is en hoe deze dan moet worden uitgevoerd. 

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Mon, 08 Jul 2019 09:59:14 +0000

Minister: overheid kan weinig doen aan misstanden aansprakelijkheid

Ja, er zijn situaties bekend waarbij leerlingen opdraaien voor verkeersboetes en schades tijdens de rijles. Nee, volgens branchepartijen komt dat niet voor bij aangesloten leden. Minister van Nieuwenhuizen reageert deze week op de Kamervragen van VVD-lid Dijkstra van 16 mei. 

Remco Dijkstra wilde van de minister van Infrastructuur en Waterstaat weten of het klopt dat leerlingen opdraaien voor schade en boetes tijdens de rijles en hoe het mogelijk is dat rijscholen onverzekerd rondrijden. Hij vroeg tevens naar de status van gesprekken met de branche om ‘het kaf van het koren te scheiden en de rijschoolbranche op te schonen van lieden die daar niet horen.’ De vragen van Dijkstra volgden op een bericht van BNR waarin wordt gesteld dat rijscholen de algemene voorwaarden en verzekeringen niet altijd op orde hebben.

Het klopt dat er situaties zijn waarin leerlingen moeten opdraaien voor verkeersovertredingen of schade tijdens de rijles, schrijft de minister in haar antwoord.  Volgens de branchepartijen komen die misstanden niet voor bij de bij hun aangesloten rijscholen. 

Eigen keuze 

Uit de antwoorden van de minister kan worden opgemaakt dat er vanuit de overheid weinig aan de misstanden kan worden gedaan. Rijscholen die bij een branchevereniging zitten, zouden zich niet schuldig maken aan deze praktijken. Een verzekering voor de auto of een ander lesvoertuig is bovendien verplicht, net als voor alle andere voertuigen op de weg. Er is een keurmerk voor rijscholen en leerlingen en hun ouders worden in de campagne ‘Rijbewijstips’ van het CBR aangespoord een goede rijschool te kiezen. De keuze voor een rijschool, en of deze aangesloten is bij een branchevereniging en/of een keurmerk draagt, is geheel aan de leerling. 

Integer en correct handelen  

Brancheorganisaties verwijderen rijscholen uit hun ledenbestand als blijkt dat hun verzekeringen of voorwaarden niet op orde zijn, hoewel dat in de praktijk nog niet is voorgekomen. De brancheorganisaties BOVAG, FAM en VRB geven allemaal aan dat ze leden jaarlijks controleren op de bevoegdheden. Er zijn wettelijk geen mogelijkheden om individuele rijscholen aan te spreken op vastgelegde standaarden die de consument beter kunnen beschermen. Wel onderzoekt de minister in overleg met de branche andere mogelijkheden om dit beter te organiseren. 

Kwaliteitsverbetering wordt onderzocht

De rijschoolbranche is een vrije sector en niet gebonden aan wettelijke vestigingsregels. Het Ministerie onderzoekt samen met de branche, het CBR en het IBKI de mogelijkheden de kwaliteit van rijscholen te verbeteren en de consument (beginnend bestuurder) beter te beschermen. Te denken valt hier aan het mogelijk maken van onderdelen van het verbeterplan van de branche (BOVAG,  FAM en VRB). 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 09 Jul 2019 09:59:22 +0000

Petra Delsing vertrekt 1 augustus bij het CBR, opvolger wordt gezocht

Petra Delsing stopt per 1 augustus als algemeen directeur van het CBR. Een vervanger voor Delsing moet later dit jaar aantreden. In de tussentijd is de directeur bedrijfsvoering Jan Jurgen Huizing belast met de dagelijkse aansturing. Delsing gaf in februari dit jaar aan af te zien van herbenoeming voor een tweede termijn, die in 2020 zou moeten ingaan.

Petra Delsing kondigde haar vertrek begin dit jaar aan. Dat deed ze in de week waarin ook bekend werd dat het CBR onder verscherpt toezicht staat vanwege de achterstanden bij de divisie Rijgeschiktheid. Het CBR gaf geen exacte reden voor haar vertrek.

Haar tijdelijke opvolger is Jan Jurgen Huizing. Hij is directeur bedrijfsvoering bij het CBR en eindverantwoordelijk voor de divisie Rijgeschiktheid. Dat is de divisie die momenteel kampt met achterstanden en wachttijden bij de verlenging en aanvraag van nieuwe rijbewijzen. Het CBR laat weten dat er dit jaar nog een opvolger voor Delsing moet worden gevonden. De Raad van Toezicht is gestart met een wervingsprocedure op verzoek van de Minister. De directrice gaat vanaf 1 augustus aan de slag als kwartiermaker Artificial Intelligence bij de unit Innovatie van het Directoraat-Generaal Mobiliteit van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Lees ook: CBR-directeur Petra Delsing kondigt vertrek aan 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Mon, 08 Jul 2019 14:12:38 +0000

Dossier Verkeersschool Aalbregt: doorstart niet waarschijnlijk 

“Er is geen reden voor optimisme”, stelt de curator over het faillissement van Verkeersschool Aalbregt. De activiteiten liggen stil. De woning van Aalbregt, de kantoorinventaris en alle lesauto’s en motoren worden verkocht. Niemand heeft zich nog gemeld voor een doorstart. Wat zijn de gevolgen en wat gebeurt er nu met de rijschool? 

Na allerlei geruchten over financiële moeilijkheden en een faillissement kwam op 2 juli het officiële bericht van de rechtbank dat Verkeersschool Aalbregt uit Zoetermeer failliet is. De rijschool is opgericht in 2014, je kon er terecht voor rijbewijs A en B. Aalbregt had zes werknemers in dienst en werkte daarnaast met zzp’ers als rijinstructeur. Zelf had hij vooral een coördinerende rol. De curator in het faillissement, Bruno Tideman van Cees Advocaten in Den Haag, onderzoekt nu de oorzaak van het faillissement en laat boekenonderzoek uitvoeren. Opmerkelijk: hij schenkt daarbij ook aandacht aan de rol van de geruchtenstroom in het faillissement. 

Geruchtenstroom 

De curator heeft het in een verklaring over ‘fake news’ voorafgaand aan het faillissement. Mogelijk hebben de geruchten gezorgd voor een sneeuwbaleffect. De daadwerkelijke oorzaak van het faillissement wordt nu onderzocht en de rol van de geruchtenstroom wordt daarin meegenomen. De curator zegt ‘niet over één nacht ijs’ te gaan en geeft aan dat het enige tijd kan duren voordat duidelijk is wat er nu precies aan de hand was bij de rijschool. 

De advocaat heeft inmiddels telefonisch gesproken met Ferry Aalbregt. Het kantoor verklaart: “De heer Aalbregt berust in het faillissement. Hij stelt zich coöperatief op en heeft tot nu toe alle gevraagde informatie verstrekt en medewerking verleend.”

Wat zijn de gevolgen? 

Er is sprake van een faillissement van een ‘natuurlijk persoon’, dat houdt in dat Ferry Aalbregt zowel zakelijk als persoonlijk alles kwijt is. De curator maakt al zijn bezittingen te gelde, zoals zijn woning, inboedel, alle lesauto’s, motoren, oldtimers en de kantoorinventaris. Waarschijnlijk wordt binnenkort alles via online veilinghuis Troostwijk verkocht. Het huis in Spanje is een huurwoning; hiervan is de huur opgezegd en wordt de inboedel verkocht. Bovendien is er een afkoelingsperiode van twee maanden ingelast. Dat betekent dat alle spullen die bij Aalbregt of de verkeersschool zijn en die van derden zijn, niet mogen worden opgehaald. Deze afkoelingsperiode is ingesteld zodat de curator de tijd heeft om de totale omvang van de boedel in kaart te krijgen. 

Wat gebeurt er met de verkeersschool? 

Hoeveel bedrijven en personen precies geld tegoed hebben van Verkeersschool Aalbregt is nog niet duidelijk. Dagelijks ontvangt de curator nog aanmeldingen en vorderingen. Tot nu toe hebben zich geen partijen gemeld die interesse hebben in een doorstart. Klanten van de rijschool die een lespakket hebben gekocht en nog lessen tegoed hebben, moeten rekening houden met de mogelijkheid  dat de rijschool deze lessen niet meer zal aanbieden. Leerlingen zijn vrij om over te stappen naar een andere rijschool naar keuze. 

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Mon, 08 Jul 2019 13:34:52 +0000

Politie ontdekt steeds vaker drugsgebruik in het verkeer

Sinds de invoering van de speekseltest in 2017 ontdekt de politie steeds vaker drugsgebruik in het verkeer. Inmiddels laten zo’n 800 speekseltesten per maand een positief resultaat zien. In 85 tot 90 procent van de gevallen wordt met daaropvolgend bloedonderzoek vastgesteld dat de verkeersdeelnemer inderdaad drugs heeft gebruikt. 

Sinds 1 juli 2017 is de wet Verbeteren aanpak drugs in het verkeer (DIV) van kracht. De politie mag sindsdien bij een vermoeden van drugsgebruik een speekseltest afnemen bij een verkeersdeelnemer. Drugsgebruikers vallen volgens de politie op in het verkeer, onder meer door hun rijgedrag. Ze rijden dan slingerend over hun rijstrook of blijven bijvoorbeeld opvallend rustig achter een vrachtwagen hangen.

Niet realiseren

Is die speekseltest positief, dan volgt een bloedafname. Het Nederlands Forensisch Instituut of een ander forensisch laboratorium onderzoekt de concentratie van de drugs. Zo wordt duidelijk of de persoon meer drugs heeft gebruikt dan is toegestaan. Volgens de politie realiseren weinig mensen zich dat drugs na gebruik nog dagen in het bloed blijft.

Eveneens sinds 1 juli 2017 zijn er wettelijke limieten voor gebruik van verschillende drugstypes in het verkeer. Wie andere soorten drugs gebruikt, of meer neemt dan toegestaan is, is strafbaar. Dan kan het Openbaar Ministerie de automobilist vervolgen. Ook kan het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) maatregelen nemen, zoals inhouding van het rijbewijs.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Mon, 08 Jul 2019 11:03:15 +0000

Vier op tien zzp’ers heeft geen voorziening arbeidsongeschiktheid

Van alle zelfstandig ondernemers zonder personeel heeft 41 procent naar eigen zeggen geen enkele voorziening getroffen voor het geval ze arbeidsongeschikt worden. Zij hebben vaak vanwege de kosten geen verzekering afgesloten en houden ook geen spaargeld of beleggingen achter de hand voor eventuele arbeidsongeschiktheid.

De cijfers komen uit de tweejaarlijkse Zelfstandigen Enquête Arbeid van TNO en het CBS die onlangs is gepubliceerd. In het recent afgesloten akkoord tussen kabinet en werknemers- en werkgeversorganisaties over de vernieuwing van het pensioenstelsel is afgesproken dat er voor zelfstandigen een wettelijke verzekeringsplicht tegen arbeidsongeschiktheid komt. Het kabinet heeft de sociale partners gevraagd om hiervoor begin 2020 een concreet voorstel te doen.

In de Zelfstandigen Enquête Arbeid is aan 5,5 duizend zelfstandig ondernemers gevraagd of zij iets hebben geregeld voor eventuele arbeidsongeschiktheid. Ook is gevraagd wat de redenen zijn om geen arbeidsongeschiktheidsverzekering af te sluiten. Aan de enquete deden ook enkele tientallen rijscholen en -instructeurs mee. Deze groep respondenten is echter te klein om concrete uitspraken te doen over hoe het specifiek onder rijscholen is gesteld. 

Begin 2019 gaven ruim vier op de tien zelfstandig ondernemers zonder personeel aan geen enkele voorziening te hebben voor eventuele arbeidsongeschiktheid. Zij hebben geen verzekering voor het werk als zelfstandige, zij participeren niet in een broodfonds en kunnen ook niet terugvallen op spaargeld, beleggingen of op het vermogen dat zit in hun bedrijf of eigen woning.

Lage inkomens

Het percentage zelfstandig ondernemers zonder personeel dat geen voorziening heeft, verschilt naar inkomenspositie. Worden alle personen met een persoonlijk inkomen ingedeeld in vijf inkomensgroepen, dan blijkt dat minder dan een kwart van de zelfstandig ondernemers in de groep met de hoogste inkomens geen voorziening heeft. Van de zelfstandig ondernemers in de groep met de laagste inkomens heeft 65 procent geen voorziening.

Voor werknemers is een arbeidsongeschiktheidsverzekering de belangrijkste voorziening om het risico van inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid af te dekken. Voor werknemers is deze verzekering verplicht, de premie wordt ingehouden op het loon. Zelfstandigen kunnen vrijwillig een verzekering voor arbeidsongeschiktheid afsluiten. Volgens recent gepubliceerde cijfers uit het Integraal inkomens- en vermogensonderzoek van het CBS betaalde in 2017 krap 1 op de 5 zzp’ers een premie voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Vaker dan een arbeidsongeschiktheidsverzekering worden spaargeld of beleggingen genoemd als voorziening bij eventuele arbeidsongeschiktheid. Bijna een derde van de zelfstandig ondernemers zonder personeel denkt daarop te kunnen terugvallen. Een op de tien verwacht het risico af te kunnen dekken met de waarde van de eigen woning. Daarnaast zijn er relatief kleine groepen zelfstandig ondernemers die de waarde van het eigen bedrijf of deelname aan een broodfonds als voorziening noemen.

Hoge kosten 

Zelfstandig ondernemers zonder personeel die geen arbeidsongeschiktheidsverzekering hebben afgesloten, noemen daarvoor vooral financiële redenen: 46 procent geeft aan dat de kosten van zo’n verzekering niet opwegen tegen de baten, 37 procent zegt de kosten voor een verzekering niet te kunnen betalen. Ruim een vijfde van alle onverzekerden geeft aan het financiële risico zelf te kunnen dragen. Deze reden wordt vaker genoemd naarmate de ondervraagden dichter bij de AOW-gerechtigde leeftijd zijn. Daarnaast kan een vijfde terugvallen op het inkomen van de partner. Onder deze groep zijn relatief veel vrouwen. Een kleine groep zegt niet te worden geaccepteerd bij een verzekering vanwege leeftijd of gezondheid. 55-plussers noemen relatief vaak (14 procent) deze afwijzingsgrond.

Pensioen vaak wel geregeld

Zelfstandig ondernemers zonder personeel hebben vaker een voorziening voor pensioen dan voor eventuele arbeidsongeschiktheid. Iets minder dan de helft (45 procent) van de zelfstandig ondernemers zonder personeel is aangesloten bij een pensioenfonds omdat ze als werknemer pensioen opbouwen of hebben opgebouwd. Daarnaast is 7 procent via het huidige werk als zelfstandig aangesloten bij een pensioenfonds. Ook spaargeld of beleggingen (43 procent) en de waarde van de eigen woning (33 procent) worden als pensioenvoorziening genoemd.

Bijna 1 op de 5 zelfstandig ondernemers zonder personeel zegt niets te hebben geregeld voor het pensioen. De meest genoemde reden is dat ze het niet kunnen betalen; iets meer dan de helft geeft dat aan. Andere redenen zijn dat ze er nog niet aan toe zijn gekomen (31 procent) of dat het pensioen nog ver weg is (20 procent).

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Wed, 10 Jul 2019 15:45:02 +0000

IBKI stopt met theorie-examens WRM in Dordrecht 

Vanaf 1 september 2019 worden er geen theorie-examens WRM meer afgenomen op het Da Vinci college in Dordrecht door het IBKI. Vanaf dan kun je alleen nog terecht op de locaties in Nieuwegein, Helmond of Zwolle. 

Wie nog een theorie-examen in de agenda heeft staan op een datum voor 31 augustus, kan nog wel gewoon terecht in Dordrecht. Ook kun je nog altijd aanvragen doen voor het examen tot en en met deze datum. Daarna is het examen uitsluitend nog af te leggen op de IBKI-locaties in Nieuwegein, Helmond of Zwolle.

Het theorie-examen is voor beginners. Wie het certificaat eenmaal op zak heeft, wordt wel geacht zes dagdelen per vijf jaar aan bijscholing te volgen om een geldig certificaat te houden. Die lessen hoeven niet op de drie aangewezen locaties te worden gehouden, dat kan ook op een locatie naar keuze. 

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Wed, 10 Jul 2019 09:54:10 +0000