‘Scooter belangrijk vervoersmiddel in 1,5-meter-economie’

De behoefte aan individueel vervoer als gevolg van de coronacrisis neemt toe, constateren BOVAG en RAI Vereniging. De scooter neemt hierin volgens hen een belangrijke plaats in. Beide organisaties zien dat de brom- en snorfietsmarkt in hoog tempo vergroent.

Hoe de markt voor scooters zich komende periode ontwikkelt, is nog onzeker, stellen BOVAG en RAI Vereniging. Maar de behoefte aan individueel vervoer neemt toe, of zal hoogstwaarschijnlijk toenemen, constateren de organisaties. In het bijzonder de scooter krijgt volgens hen een prominente rol.

Stijging

Die scooter kan ook duurzaam zijn overigens. Het aanbod ‘groene’ brom- en snorfietsen groeit in hoog tempo namelijk, blijkt uit nieuwe cijfers van de organisaties. In het eerste kwartaal van dit jaar steeg het aantal nieuw geregistreerde elektrische snorfietsen met 65,6 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2019.

Dit jaar werden er tot en met 31 maart 1.788 elektrische snorfietsen geregistreerd, in tegenstelling tot 1.080 een jaar eerder. Inclusief de bromfietsvarianten werden totaal 2.520 elektrische scooters verkocht, een stijging van 35,6 procent. Een vijfde van alle nieuw geregistreerde scooters is elektrisch.

Klimaatakkoord

Inmiddels rijden er 62.900 elektrische scooters rond in Nederland. Dat is 5 procent van het totale scooterpark. Dit lag eind 2015 nog op 2,7 procent. Volgens RAI Vereniging en BOVAG is het aanbod van elektrische scooters afgelopen periode flink toegenomen en is ook de actieradius en kwaliteit omhoog gegaan. Hierdoor kiezen meer mensen voor een elektrische scooter. Nieuwe snorfietsen dienen conform het Klimaatakkoord vanaf 2025 alleen nog maar elektrisch te zijn aangedreven.

De verkopen in de maand maart toonden echter als gevolg van de coronacrisis rode cijfers. In totaal werden er 1.448 nieuwe bromfietsen geregistreerd. Een terugval van 18,7 procent ten opzichte van maart 2019. Voor de snorfiets daalde het aantal registraties met 18,1 procent in vergelijk met maart 2019 en werden 2.592 stuks geregistreerd.

Kosten verkeersongevallen: 17 miljard euro per jaar

De maatschappelijke kosten van verkeersongevallen bedragen jaarlijks zo’n 17 miljard euro. Tien jaar geleden lag dat bedrag 5 procent lager, toen waren de jaarlijkse kosten 16,3 miljard euro. De reden? De toename van het aantal ernstige verkeersgewonden de afgelopen jaren. 
Kosten van verkeersongevallen zijn hoger dan andere maatschappelijke kosten die door het verkeer veroorzaakt worden, zoals files (3,3 tot 4,3 miljard euro) en de kosten van milieuschade (7 miljard euro). In de kostenberekening worden meegenomen: medische kosten, productieverlies, materiële en immateriële kosten en afhandelingskosten. Ruim de helft van het bedrag bestaat uit immateriële kosten. De Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) rekende het allemaal uit.

Hoge kosten

Die 17 miljard euro is 2,2 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Nederland behoort daarmee tot de landen met relatief hoge kosten van verkeersongevallen. De verschillen komen vooral door verschillen in methoden om met name de immateriële kosten te bepalen.

Informatie over de kosten van verkeersongevallen wordt onder meer gebruikt bij de voorbereiding en evaluatie van verkeersveiligheidsbeleid en in kosten-batenanalyses van verkeersveiligheids-maatregelen.

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Fri, 01 May 2020 05:47:22 +0000

Motorrijles in Veiligheidsregio Groningen toegestaan

In Groningen mag het weer, motorrijles geven. Daarbij moeten wel de coronamaatregelen in acht worden genomen, zoals het houden van 1,5 meter afstand.
Marcel Nieuwland van rijschool 1-2 Ride uit Groningen en Winschoten begon afgelopen weekend weer met motorrijles. Afstand van elkaar houden om zo de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan is zonder meer mogelijk voor motorrijinstructeurs, stelt Nieuwland.

Juridische grondslag

In de noodverordening is te lezen contactberoepen verboden zijn, in de daarbijhorende toelichting wordt het beroep rijinstructeur genoemd. Maar de toelichting op de noodverordening is niet leidend, dat is de noodverordening zelf. En daarin wordt alleen gesproken over afstand bewaren. Rijschoolhouder Nieuwland schakelde advocaat Hugo de Jong in om de juridische grondslag te checken. De advocaat stelt dat de toelichting geen wet of verbod is.

Motorrijinstructeur is volgens de rijschoolhouder en zijn advocaat geen contactberoep en het geven van motorrijles is dus niet verboden. Met die redenatie is de Veiligheidsregio Groningen het eens. Hoe de noodverordening wordt gehandhaafd is aan de verschillende Veiligheidsregio’s. “Wij zien ruimte om motorrijles toe te staan”, licht een woordvoerder van Groningen desgevraagd toe.

Landelijk beleid

Of de ruimte ook landelijk wordt gezien is nog onduidelijk. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat buigt zich momenteel over het vraagstuk.

Naar aanleiding van de opgestarte motorrijlessen in Groningen stuurde branchevereniging LBKR een brief naar de Veiligheidsregio waarin ze hun verbazing uiten over de uitzondering die in Groningen werd gemaakt. Ook vraag de LBKR om een landelijk beleid, “waarin wij het logisch zouden vinden dat de bromfiets- en motorrijlessen (en examens) het eerste weer kunnen worden opgepakt. Natuurlijk met alle voorzorgsmaatregelen om verspreiding van het virus te voorkomen.”

Lees ook: 

De ontwikkelingen op het gebied van het coronavirus gaan snel en raken de rijschoolsector hard. RijschoolPro houdt een dossier bij over dit onderwerp. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Thu, 30 Apr 2020 09:13:51 +0000

Voorlopig geen versoepeling in verbod op rijlessen

Het is niet waarschijnlijk dat rijlessen voor 20 mei weer opgepakt kunnen worden. Dat bleek woensdagavond tijdens de update die premier Rutte gaf van het crisisberaad van het kabinet over de coronamaatregelen. Wel zei Rutte dat als er ruimte is om de maatregelen rondom contactberoepen te versoepelen voor 20 mei, dat het dan ook gebeurt. “Maar daar is op dit moment geen enkele aanwijziging voor.”
Het uitoefenen van contactberoepen is nog altijd verboden, dat betekent dat ook rijles geven nog altijd niet is toegestaan. Het verbod staat tot en met 19 mei. Mocht er voor die tijd reden zijn om te versoepelen, dan zal dat gebeuren. Een versoepeling is echter niet waarschijnlijk. In de week voorafgaand aan 19 mei wordt vanuit de overheid opnieuw een persconferentie gegeven waarin de coronamaatregelen worden besproken.

Verrommelen

“Het lijkt erop dat het naleven van de maatregelen een beetje aan het verrommelen is”, sprak Rutte. “Als de cijfers, doordat mensen toch te veel de straat op gaan, minder goed worden, dan wordt het heel moeilijk om te gaan versoepelen. Maar als het goed gaat en er komt ruimte, dan kunnen we op een gegeven moment zeggen dat de contactberoepen weer aan de slag kunnen. Maar dan moet er wel ruimte zijn. Als er voor 20 mei ruimte is om te versoepelen dan doen we dat, maar daar is op dit moment geen enkele aanwijzing voor.

Opmerkelijk genoeg wordt motorrijles momenteel in Groningen toegestaan. De redenatie hierachter is dat motorrijinstructeur geen contactberoep is. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat buigt zich momenteel over het vraagstuk of motorrijles ook landelijk wordt toegestaan.

Lees ook: 

De ontwikkelingen op het gebied van het coronavirus gaan snel en raken de rijschoolsector hard. RijschoolPro houdt een dossier bij over dit onderwerp. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Thu, 30 Apr 2020 08:17:23 +0000

Meeste mensen houden zich aan nieuwe maximumsnelheid van 100 km/uur

Hoewel het gaspedaal indrukken een stuk makkelijker is nu het flink rustiger is op de weg, houdt iedereen zich netjes aan het nieuwe snelheidsmaximum. Alhoewel: vanaf 17.00 uur gaat de snelheid wel iets omhoog. Dat blijkt uit een analyse van Google Maps-data door Localyse in opdracht van VerkeersNet, een zustertitel van RijschoolPro. De dataleverancier, die als enige ter wereld deze data kan uitlezen, keek verspreid over twee weken naar vijf drukke trajecten.
Langzamer rijden? Echt niet! Zo stond een ruime meerderheid van de dagelijkse weggebruikers tegenover de verlaging van de maximumsnelheid overdag. Ze blijven, zeggen ze, net zo lang 130 kilometer per uur rijden totdat ze boetes krijgen. De meesten daarvan denken dat het onveiliger wordt en ze langer onderweg zijn. Anderen vinden het betutteling en zijn uit principe tegen.

Minister Ferd Grapperhaus (Justitie) waarschuwde eventuele snelheidsduivels. Vanaf het moment dat 100 van kracht wordt, wordt er ook gehandhaafd en riskeren automobilisten een bekeuring als zij toch nog harder rijden. “De politie knijpt geen oogjes toe.”

Teruggelopen

Zo zag de wereld er begin maart uit. Dat het coronavirus alles overhoop zou gooien, kon Grapperhaus niet geweten hebben. Zondag 22 maart was de verkeersdrukte op het snelwegennet teruggelopen met 65 procent.

Vrijdag 13 maart gingen de regels stapsgewijs in. Sinds de maandag daarop, de 16de, geldt de nieuwe snelheidsmaximum overal. Hoe weggebruikers die omslag die dagen ervoeren, liet onderzoek van het NRC goed zien. De krant analyseerde data van de NDW over de periode 29 februari tot en met 18 maart. Slechts 5 procent reed die laatste dagen harder dan 110 kilometer per uur, kwam hieruit naar voren.

Hoe is het zo’n vier weken later? Houdt iedereen zich nog steeds keurig aan de nieuwe regels?

Idioot

Voor een analyse benaderde VerkeersNet Localyse, een Google Cloud-partner die als enige ter wereld Google Maps-data kan uitlezen. Jelle Draijer keek verspreid over twee weken naar vijf drukke trajecten.

Eerst nog even wat over de data zelf. “Goed om te weten is dat waar we naar kijken zijn gemiddelde snelheden over het hele traject. Dat wil zeggen: als er één idioot die als nog 180 dat hele stuk met z’n Ferrari heeft afgelegd, dan heeft ‘ie invloed op het gemiddelde. Hoe dan ook, we kijken dus naar het gemiddelde en niet naar de individuele reisbeweging.”

Draijer keek allereerst naar de situatie op de A12 van Utrecht naar Den Haag tussen 2 en 8 april. Een stuk waar de nieuwe regels impact hebben. Bij De Meern mocht je 120 kilometer per uur, een stuk verder 130 km tot voor Gouda en daar weer 100. Na Zoetermeer 130 km tot even voor Den Haag weer 100 km tot uiteindelijk 80 km.

Wat hem het eerst opvalt: de dip op de maandag, dinsdag en donderdag tussen 7 uur en 7.30 uur ’s ochtends. Daar is toch nog iets van een spits te zien, in tegenstelling tot de vrijdag en de woensdag. “Ik las dat toch nog 40 procent van de organisaties open zijn en van hun mensen verwachten om op het werk te verschijnen”, verklaart Draijer. Opvallend is dat zo’n spits niet overal te zien is – waarover straks meer.

Vrolijk

Dan de snelheid. “Over de hele dag zie je hetzelfde patroon. Tot een uurtje of vier rijdt iedereen nagenoeg 100 kilometer per uur. Maar naar aanloop van 19.00 uur zie je dat mensen harder gaan rijden. Dat begint al vanaf 17.30 uur. Na 19.00 gaat iedereen vrolijk richting de 110 kilometer per uur rijden.”

Die langzame toename verklaart hij door etenstijd. “Tussen half zes en half zeven zit half Nederland achter de aardappelen. Dan is het rustiger op de weg. Een toename in snelheid betekent vaak een afname van het aantal auto’s op dat moment.”

Het beeld van 2 tot en met 8 april is nagenoeg hetzelfde als twee weken eerder: van 18 tot en met 25 maart. Hij keek toen niet alleen naar de A12, maar ook naar de A4 van Den Haag naar Amsterdam. Ook een stuk waar het wennen is aan de nieuwe maatregelen: even na Den Haag mocht je 130 km/uur tot Schiphol.

Zakken

Alle dagen zijn de patronen op beide trajecten nagenoeg hetzelfde, zegt hij. Iedereen houdt zich netjes aan de nieuwe maximumsnelheid. Zoom je iets in, dan zie je dat op de A12 iets harder wordt gereden tijdens de ochtend- en de middagspits. Het gaat dan om zo’n 105 kilometer per uur. En ook hier zie je dat de snelheid vanaf 19.00 uur weer omhoog gaat, richting de 110 kilometer per uur.

“Daar over gesproken, dat gemiddelde van 110 kilometer per uur. Je hebt het vast zelf wel eens ervaren. Hele stukken rij je 100-120 op de snelweg. Dan ben je geneigd te denken: mijn gemiddelde snelheid zal ook wel rond zo’n snelheid liggen. Maar je gemiddelde snelheid ligt eigenlijk altijd rond de 65-75 kilometer per uur. Je moet afremmen binnen de bebouwde kom, er zijn verkeerslichten, je moet hier en daar wachten. Zo zakt je gemiddelde snelheid. En dat zie je hier ook gebeuren. We kijken natuurlijk naar een langer traject op de snelweg, maar kijk je iets gedetailleerder, dan zie je dat er 80km-stukken zijn of viaducten waar mensen moeten afremmen.”

Wat is het verschil met het Noorden van het land? We kijken naar de A7 van Heerenveen naar Groningen, een traject waar je een groot stuk 130 mocht.

“Het is een andere routelengte, een andere omgeving ook, dus je ziet wat kleinere verschillen”, zegt Draijer. “Maar je ziet een vergelijkbaar patroon: wederom rond 7 uur en 7.30 uur toch nog een soort ochtendspits. En ook hier zie je dat de snelheid rond 17.30 uur langzaam klimt en blijft het stijgen tot een uurtje of acht. Dan rijdt iedereen gemiddeld rond de 110 over dit traject.” Verder is te zien dat iedereen zich overdag netjes aan de nieuwe maximumsnelheid houdt.

Grilligheid

Die ‘deukjes’ kunnen komen door werkzaamheden, denkt hij. “Ik heb een heel stuk van de zuidelijke ring van Groningen meegenomen en daar zijn behoorlijk wat werkzaamheden. Ik denk dat dat links en rechts wel verklaart waarom je meer grilligheid in de grafieken ziet.”

Van het Noorden gaan we meer richting het Oosten, naar de A28 tussen Amersfoort en Zwolle. Vanaf Nijkerk mocht je 130 km/uur tot vlak voor Zwolle.

Het eerste dat Draijer opvalt is dat je geen duidelijke ochtendspits ziet. “Het zijn aannames, maar het is rustiger in het gebied: minder werkgevers, minder mensen, minder auto’s.” Twee dipjes rond 16.30 uur springen ook in het oog. Incidenten, denkt hij. Draijer merkt nog iets op: op maandag en donderdag rijden mensen op bepaalde stukken rond de 110.

Gaspedaal

Hoe zou dat komen? “Dit is een hele interessante route. Ik reed er zelf vaak, toen ik nog in Zwolle werkte. Het is een stuk met heel weinig afslagen. Je kunt het hele stuk je gaspedaal indrukken.” Maar naast deze details ook hier hetzelfde beeld: de meesten rijden keurig netjes 100 km/uur en rond 16.30 uur klimt het gemiddelde iets omhoog om vanaf 19.00 uur het hardst te stijgen.

Tenslotte kijken we naar de A2 van ‘s-Hertogenbosch naar Eindhoven. Hier mocht je een stuk 100, vervolgens 120 en tenslotte weer 100.

“Die ochtendspits missen we hier volledig”, zegt Draijer verbaasd. “Hooguit een klein deukje op de maandag en donderdag, de notoire werkdagen. Maar het is niet noemenswaardig.” Hoe dat komt? Draijer geeft een denkrichting. “Het coronavirus begon in Noord-Brabant en kwam daar ook het hardst aan. Ik kan me voorstellen dat de maatregelen nog meer nageleefd worden. Of dat er meer bedrijven dicht zijn en er minder woon-werkverkeer op de weg te vinden is.”

Patsboem

Hoe dan ook, verder is het beeld vrij hetzelfde, zegt hij. “Tot een uurtje of vijf blijft het maximum over alle dagen 100 km/uur. En tussen 17.00 uur en 18.00 uur zie je ook hier dat het langzaam begint te klimmen richting de 105 km/uur. Tussen 18.00 uur en 19.00 uur is het vlak met hier en daar een uitschieter. Maar tussen 19.00 uur en 19.30 uur zie je de snelheid echt patsboem omhoog gaan naar gemiddeld 110.”

Ja, we kunnen concluderen dat eigenlijk iedereen zich wel netjes aan de snelheid houdt. Hoe zou dat komen? Het is een beetje psychologie van de koude grond. Maar Draijer wil zich er wel aan wagen. “Ik blijf erbij dat ik het interessant vind. Het is een groot ding, iedereen is erdoor geraakt. Hadden we corona niet gehad, dan denk ik dat we het volop over die stikstofdiscussie en veranderende maximum snelheid zouden hebben. Het kan zijn dat we ons bewust zijn dat we solidair moeten zijn. We houden ook van voetbal en staan achter onze teams. En nu bestaan die teams uit verpleegkundigen. Hoe dan ook, je kunt ook zeggen: misschien is het wel een zegen voor de VVD dat het afnemen hun paradepaardje door de coronacrisis is ondergesneeuwd.”

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Tue, 21 Apr 2020 05:35:44 +0000

Verkeersschool Hielkema lanceert ‘Verkeersspel’, opbrengst voor Rode Kruis

Wat is een voorrangsvoertuig? Welke delen van het kentekenbewijs moet je bij een controle tonen? Het zijn vragen uit het Verkeersspel dat Dorien Brouwer-Hielkema van Verkeersschool Hielkema in deze coronatijd ontwikkelde. Voor leerlingen is het spel een leuke manier om met de theorie bezig te blijven, de opbrengst van de verkoop gaat naar het Rode Kruis.
Dorien Brouwer is elke dag nog wel even bij Verkeersschool Hielkema in Heereveen. Van 9 tot 11 ‘s ochtend is het bedrijf druk met telefoontjes en mail beantwoorden.

Stilzitten is niets voor de rijschoolhoudster. Ze raakte geïnspireerd door de actie van Rumag die T-shirts verkochten waarvan een deel van de opbrengst naar het Rode Kruis ging. “En zo ontstond het idee om zelf ook iets te doen vanuit de verkeersschool.”

Tegen kostprijs

Samen met VekaBest, een leverancier van verkeersleermiddelen, kwam ze tot vijftig vragen die zijn samengevoegd in het verkeersspel. “Zij waren direct positief en ook al is mijn kennis goed, zij hebben de middelen om snel met leuke vragen te komen. 25 vragen gaan over verkeersborden, 25 vragen gaan over verkeerskennis.” Drukker Print & Bind verzorgt het drukwerk tegen de kostprijs. Het spel past door de brievenbus, kost 8,50 euro en 5 euro daarvan is voor het Rode Kruis.

Brouwer-Hielkema: “Je kunt er een spelletje van maken en tegen elkaar spelen en het is aanleiding om met elkaar in gesprek te gaan. Hoe zit het ook weer met alle regels? Het is niet per se bedoeld om te winnen of verliezen. Het is ook niet bedoeld als een vervanger voor theorielessen, maar meer een leuke aanvulling.”

Het verkeersspel is via de site van Verkeersschool Hielkema te bestellen.

Familiebedrijf

Je kunt bij Hielkema terecht voor alle rijbewijzen: auto, motor, bromfiets, vrachtwagen, bus, taxi. Ook leiden ze op voor ambulancechauffeur en verzorgen trainingen voor code 95 voor beroepschauffeurs.

Het familiebedrijf dateert uit het begin van de jaren zestig. Oprichter Piet Hielkema begint in ‘61 met rijles in Heereveen, naast zijn werk als buschauffeur. Al snel opent hij een verkeersschool en breidt uit met vrachtwagen- en motorlessen. Inmiddels wordt het bedrijf gerund door zoon Koos en kleindochter Dorien. Dorien heeft de dagelijkse leiding en is instructeur voor auto, vrachtwagen, trekken, bus, auto met aanhanger en vrachtwagen met aanhanger.

Ouderwets kaartspel

In de Heereveense Courant wordt Brouwer-Hielkema geciteerd: “Onze uitdaging is nu om met dit spel een beetje positiviteit te brengen. We verdienen er financieel niks aan, daar hebben we geen doel in, het is om positiviteit te brengen en om een goed doel te steunen. Ik kan wel thuis gaan zitten mokken dat we dicht zijn, en dat doe ik ook weleens, maar je kan dan beter je tijd besteden voor iets goeds. Dat geeft een drive. We maken er het beste van in deze tijd. Ik ben benieuwd hoe de verkeerskennis is onder de mensen. Je ziet veel online challenges, die zijn leuk en creatief, maar daar wordt de wereld zo online van. Het is ook leuk om met je gezin zo’n spel te spelen. Ouderwets een kaartspel aan tafel spelen om zo elkaars kennis te testen.”

De ontwikkelingen op het gebied van het coronavirus gaan snel en raken de rijschoolsector hard. RijschoolPro houdt een dossier bij over dit onderwerp. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Wed, 22 Apr 2020 05:41:59 +0000

Sector klaar voor herstart rijopleiding en -examens

De rijopleidings- en mobiliteitssector staat klaar om zodra het beroepsverbod wordt opgeheven op korte termijn weer aan de slag te gaan. Hoe? Dat staat in een gezamenlijk statement van verschillende branchepartijen. 
Het statement komt van het CBR, brancheverenigingen FAM, Bovag, LBKR en VRB, de ANWB, Cumela, TLN en Koninklijk Nederlands Vervoer. De afgelopen weken is door deze partijen samengewerkt aan scenario’s en protocollen om op korte termijn de dienstverlening te hervatten. Vanzelfsprekend met inachtneming van alle veiligheidsvoorschriften want de veiligheid en gezondheid van alle kandidaten, rijinstructeurs en examinatoren staat voorop.

Fase 1

In de eerste fase van de herstart van de rijschoolsector zou gestart kunnen worden met theorie-examens voor zowel particulieren als voor de beroepssector. Ook praktijklessen- en examens voor motor en bromfiets kunnen dan op een veilige manier worden afgenomen. In al deze gevallen kunnen partijen namelijk relatief gemakkelijk de 1,5 meter afstand en de randvoorwaardelijke hygiëne- en gedragsprotocollen in praktijk brengen.

Opheffen beroepsverbod

Daarvoor is het echter noodzakelijk dat het algemeen beroepsverbod op rijlessen, dat sinds 23 maart van kracht is, wordt opgeheven. Dat is momenteel nog niet het geval.

Wat ondertekenaars betreft is zowel bij theorie-examens als bij praktijklessen en -examens voor bromfiets en motor geen sprake van contact binnen anderhalve meter. Daarom zou dit niet langer als contactberoep gekwalificeerd hoeven te worden en kan het algemeen beroepsverbod vervallen.

Theoretische nascholingscursussen

Tegelijkertijd vraagt de sector om de theoretische nascholingscursussen (voor code 95) voor beroepschauffeurs te mogen hervatten. Ook hier kunnen voorzieningen worden getroffen om afstand tot elkaar te houden op de cursuslocatie.

Fase 2

Voor fase 2 wordt nu samen met TNO (in het Coronalab) en de RDW onderzocht hoe rijlessen en praktijkexamens in gesloten voertuigen (auto, vrachtauto, bus, tractor) op een veilige en werkbare manier kunnen worden uitgevoerd. Er vinden tests plaats met fysieke aanpassingen in het voertuig in combinatie met hygiëne- en gedragsprotocollen. Dit wordt op korte termijn afgerond. Daarna kunnen bij een positieve uitkomst de rijlessen en rijexamens op een veilige manier worden hervat. Dit geldt ook voor de praktijkexamens voor rij-instructeurs en voor de praktijktrainingen nascholing (en theoretische nascholing met een component in het voertuig).

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 21 Apr 2020 18:12:38 +0000

Rapport OMT: verbod op rijles blijft overeind

Het opheffen van het verbod op contactberoepen zoals rijinstructeur is vooralsnog niet aan de orde. Dat valt te lezen in het adviesrapport van het Outbreak Management Team (OMT).
Uit het advies blijkt dat over contactberoepen geen consensus is. Bij beroepen waarbij normaal gezien persoonlijke beschermingsmiddelen worden gebruikt, zoals bij de tandarts of mondhygiënist, wordt het risico op verspreiding van het coronavirus ‘beheersbaar’ genoemd.

Lees hier het rapport van het OMT

Mondkapjes

Het verbod op contactberoepen blijft overeind omdat er nog teveel onduidelijk is over overdracht van het coronavirus door mensen die het virus weliswaar onder de leden hebben, maar (nog) geen ziekteverschijnselen vertonen. Als daar meer duidelijk over is, dan wordt ook duidelijk of het gebruik van beschermingsmiddelen zoals mondkapjes buiten de zorg noodzakelijk is.

Het vraagstuk wordt nu verkend door de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfskunde. Zij stellen ook een rapport op. Dat rapport moet er volgende week zijn en wordt in het eerstvolgende OMT besproken. Hopelijk komt er dan meer duidelijkheid over wanneer rijlessen en examens, in welke vorm dan ook, kunnen worden hervat.

De ontwikkelingen op het gebied van het coronavirus gaan snel en raken de rijschoolsector hard. RijschoolPro houdt een dossier bij over dit onderwerp. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 21 Apr 2020 11:06:25 +0000

CBR annuleert alle examens tot 20 mei

In lijn met het kabinetsbesluit annuleert CBR alle examens tot 20 mei. Het gaat voor de periode van 29 april tot 20 mei om zo’n 22.000 theorie-examens, tussentijdse toetsen, rijtesten en praktijkexamens voor alle rijbewijscategorieën.
Om een slimme en verantwoorde opstart te realiseren zodra het sein op groen gaat, annuleert CBR ook alle theorie-examens die ná 20 mei gereserveerd staan. Ook de praktijkexamens voor de auto worden voor de rest van het jaar uit de planning gehaald. Kandidaten kunnen deze straks kosteloos opnieuw inplannen. CBR informeert alle examenkandidaten en hun rijscholen zo veel als kan persoonlijk over het annuleren van de examens.

Vorige week maakte minister van Nieuwenhuizen bekend dat theoriecertificaten en (deel)examens voor professionals die verlopen door de coronamaatregelen in ieder geval tot 1 december geldig blijven. Dit geldt ook voor de uitslag van het motorexamen voertuigbeheersing (AVB). De geldigheid van certificaten en passen van (toekomstige) beroepschauffeurs of andere professionals (code 95) zijn ook aangepast.

CBR bereidt zich verder voor om zodra dat kan weer aan de slag te gaan. De afgelopen weken is door veel partijen in de mobiliteitsbranche samengewerkt aan scenario’s en protocollen om de dienstverlening op een slimme en verantwoorde manier te hervatten.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Remco Nieuwenbroek
Publicatie datum: Wed, 22 Apr 2020 15:13:31 +0000

‘Coronacrisis remt de groei van het wegverkeer tot 2025 aanzienlijk’

Als de crisis nog lang aanhoudt, en een diepe economische recessie volgt, dan komt het totale wegverkeer in heel Nederland pas in 2025 weer voorbij het niveau van 2019. Dat blijkt uit de trendprognose wegverkeer 2020-2025 van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM).
De effecten zijn in 2020 het meest ingrijpend. Door de contactbeperkingen zijn veel mensen niet, of thuis, aan het werk en is ook het sociaal-recreatieve wegverkeer fors teruggelopen. Voor 2020 verwacht het KiM 10 procent minder verkeer op de weg dan in 2019 als de contactbeperkingen na drie maanden worden opgeheven.

Krimp

Als de beperkingen zes maanden duren rijden we 20 procent minder en als het een jaar duurt loopt het verkeer met een derde terug. Daarnaast zijn er ook indirecte gevolgen van de contactbeperkingen, via de economie. Deze zijn kleiner en komen meer geleidelijk op gang, maar houden langer aan. Na 2020 herstelt het wegverkeer zich weer.

In het vrachtverkeer zijn de economische gevolgen van de coronacrisis direct voelbaar. Als de contactbeperkingen twaalf maanden in stand blijven en worden gevolgd door een diepe recessie, dan moeten we bij het vrachtverkeer rekening houden met een krimp tot 5 procent tussen 2020 en 2025 ten opzichte van 2019.

Onzeker

Het KiM heeft zijn berekeningen gebaseerd op de publicatie ‘Scenario’s economische gevolgen coronacrisis’ van het CPB en op verkeersgegevens van de Nationale Databank Wegverkeersgegevens. Uit die gegevens blijkt dat de verkeersintensiteit – het aantal voertuigen per uur – op het hoofdweggennet tussen 3 maart en 31 maart is gedaald met 39 procent. Op het onderliggend wegennet was dit 32 procent. Deze daling begon tegelijk met de contactbeperkingen. De daling van het vrachtverkeer was in deze periode relatief beperkt: 7 tot 8 procent.

De uitkomsten van de scenario’s van het CPB zijn onzeker, stellen de onderzoekers. Als gevolg daarvan zijn ook de effecten op het verkeer die zij berekend hebben onzeker. Daarnaast is onbekend of er nog andere factoren zijn die de mobiliteit langdurig beïnvloeden, zoals gewenning aan het thuiswerken of meer gebruik van de auto in plaats van het openbaar vervoer. Deze zijn daarom buiten beschouwing gelaten.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Fri, 24 Apr 2020 05:09:26 +0000